Home

Uur U

door Johan Polak & Frans Goddijn
In de vroegste herinnering die ik aan mijn vader heb, maakt hij voor mij een vlieger. Ik ben opgetogen. Hij, die zo druk bezet is en zo zelden thuis, heeft hout, papier, touw gekocht en tijd gemaakt om samen met mij een hoog en ernstig spel te spelen. Groot, zwaar, de dwarsboom strak als een stramme boog, wordt de vlieger bespannen met dik, krakend papier van vale, doorschijnende kleur. Ik ben goed bij de les, mag mijn wijsvinger gestrekt op het touw drukken, daar waar een lus moet worden dichtgetrokken - het stroeve hennep glijdt onder mijn vinger door in een harde knoop. Buiten laten we de vlieger op, samen tegen de wind in rennend, tot hij door de luchtstroom wordt gedragen en, traag slingerend met zijn lange staart, verder omhoog naar de wolken klimt. Wanneer het touw helemaal is uitgerold en strak staat op de spoel, klinkt van boven een angstig gieren, een wanhopig, ijl vrouwenkoor.

(.....)
Het onheilspellende maar
onhoorbare gerucht
van het hoog in de lucht
verschoten vliegerbericht:
in een wolkje ploft licht
tot een blinkende ster uiteen,
en langs heel de vuurlinie heen
weet men: dit meldt het uur u,
nu gaat het beginnen, nu
verdwijnt de onzekerheid
van de mij gegunde tijd,
nu is het voor alles te laat.
(.....)

[Martinus Nijhoff, "Het uur u"]

HET UUR U zou in eerste aanleg zijn ontstaan door de vriendschappelijke ontmoeting van een zoon met zijn vader. W.S. Nijhoff, naderhand bekend als de fotograaf Faan Nijhoff, had zijn vader, de dichter Martinus Nijhoff, tijdens een autorit verteld over een droom, waarin een vreemdeling met geheimzinnige, geruisloze stap was verschenen in de straat van zijn geboorte. Het lange gedicht is aan de zoon opgedragen en meteen opgevallen als bijzonder, als een aanleiding tot kritisch commentaar en exegese, zonder dat het tot nu toe iemand is gelukt een sluitende interpretatie te geven. Wie is de stille wandelaar? Brengt hij bevrijding of draagt hij beklemming met zich mee? Is het de Christus, of een figuur uit een duistere mythe zoals de rattenvanger van Hameln en - van deze tijd - "de clown van Oude Pekela"? De verstomde paniek in de straat, zodra de vreemdeling verschijnt, heb ik als volwassen lezer steeds intuïtief verbonden met het gevoel van redeloze angst bij het vasthouden van de afgerolde spoel: ik was bang de vlieger kwijt te raken, maar zou spoedig mijn vader verliezen, de kameraad met wie je zelden mocht spelen en die je inwijdde in de wereld van de 'grote mensen'.