Home

Konijn

door Johan Polak
Bijna ieder kind heeft ooit verlangd naar het bezit van speelgoed, dat verleidelijk maar onbereikbaar in een mooi ingerichte etalage lag uitgestald.

Een bevriende psychiater schrijft mij hoe hij als zoon van arme ouders 'met platgedrukte neus' tegen een winkelruit stond, vergeefs wachtend op de komst van een weldoende, rijke heer om hem de fel begeerde glanzende spoortrein met toebehoren kado te doen. Maar nooit kwam de ridder, hooggezeten op zijn witte paard, aan gegaloppeerd. Die immers is de archetypus van alle heilsverwachtingen!

Een tikje cynisch schreef ik terug dat rijke, oude heren tegenwoordig vaak andere bedoelingen hebben, wanneer ze jonge jongens tegen komen (en dat zal voorheen wel niet anders zijn geweest)... Om het tegelijk weer een beetje goed te maken, stuurde ik hem een copie van een sonnet van Johan Andreas der Mouw, waarin hetzelfde thema ontroerend wordt uitgewerkt:

Dan denk ik aan 't konijntje, dat ik zag als kind voor Sint Niklaas achter het glasvan dure speelgoedwinkel. O! dat was zo'n prachtig beestje, grijs en wit; het lag gezellig in zijn mandje in mooi-groen gras; en als 'k van school kwam, bleef ik iedre dag staan kijken, bang, dat 't weg zou zijn. En, ach! eens was het weg; en toen begreep ik pas, dat ik toch heimelijk steeds was blijven hopen, dat ik 't zou krijgen. Thuis heb 'k niet gepraat over 't konijntje, maar 'k wou niet meer lopen, omdat 'k dan huilde, aan die kant van de straat. Nu zou 'k me zo'n konijntje kunnen kopen, maar 'k word zelf grijs. Want alles komt te laat.

[noot FG: deze tekst, nog niet af, vond ik op onze computer in Johans werkdirectory. De regels van het geciteerde achtereen getikt.]