Home

Jaar

door Johan Polak & Frans Goddijn
Begin dit jaar stapte ik met een vriendin de lobby van een Antwerps hotel binnen, op zoek naar onderdak. Terwijl wij daar aan de balie op onze beurt stonden te wachten, wandelde er een familie rond. Allen gekleed in het zwarte kostuum van vrome Joden, vader, zoons, vrouw en dochters. De stille, voor mij opvallende, groep schreed kalm voorbij aan de wandhoge vitrines waarin allerhande luxe goederen werden beschenen door scherpe halogeenlampen. Juwelen flonkerden, stiksels van shawls lichtten op. Niemand was zo verbaasd en in zekere zin geroerd door de aanblik van deze ontspannen stoet. Inmiddels waren de gasten vóór ons naar de lift gelopen en de receptioniste vroeg waarmee ze ons van dienst kon zijn. Ik vertelde dat er geen Joden meer wandelen in de stad waar ik vandaan kom. "Ja," antwoordde de mooie jonge vrouw, terwijl ze mij een incheck-formulier met reclameballpoint toeschoof, "het is hier nog heel erg". Ik schreef mijn naam op, en kreeg met mijn vriendin een kleine suite aangeboden, die bedoeld moet zijn geweest voor pasgetrouwden, aangezien het vierkante ligbad, omringd door spiegels, plaats kon bieden aan een orgie. Waarschijnlijk had deze ook plaatsgevonden, want te laat ontdekten we dat het toilet niet meer naar behoren wilde werken. Wat we ook probeerden, telkens kwamen nieuwe drollen bovendrijven, als om hardnekkig aan te tonen dat ons soort niet thuishoort op zulk een hoge verdieping. "Houd je er rekening mee dat van nu af aan alles anders zal zijn dan vroeger," vroeg op het ene TV-kanaal de jonge erfgename aan de bediende die plotseling haar horige was geworden. "Realiseer je wel dat er nu niets meer tussen ons zal zijn zoals het was", riep op het andere net een bedrogen echtgenote dreigend tegen haar man, die somber voor zich uit bleef kijken. Aan het hoofd van een feestelijke dis zat, trillend van woede, grootvader, die met een gulzige slok uit zijn glas een handjevol medicijnen wegspoelde: "Stop! Ik kan niet meer de geringste opwinding verdragen!"

Op CNN was het golf-circus, dat voor het einde van het jaar alweer zou zijn vergeten, in volle gang. Eerst waren er de schijnbaar lukraak geschoten filmbeelden van een militaire luchthaven in oorlogstijd, ergens in de woestijn. Geraas van vliegtuigmotoren, brede lage wagens volgeladen met projectielen, die een voor een voorzichtig onderaan vliegtuigvleugels werden gemonteerd. Toen volgden de mannen en vrouwen van wie ik in de loop der tijd ben gaan houden en die na de "vrede" ineens van het beeldscherm verdwenen. Rick Salinger, een langwerpig gezicht met flaporen, versloeg het inslaan van scuds. Linda Scherzer had niets te melden, maar deed dit met een gasmasker op en werd toch wereldnieuws. Pete Williams, de vleesgeworden pers-yup, gaf informatie, verborg het en goochelde ermee waar iedereen bewonderend bijstond: "We'll fuzz it up a bit", zo gaf hij aan dat vanaf dat moment minder exact zou worden gezegd hoeveel soldaten werden vermist. Luitenant-Generaal Thomas Kelly, de oudere, rijzige baas die, als hij het even niet meer wist, of duidelijk iets ging verzwijgen, zijn bril met één veeg van zijn vuist recht zette, met zijn vinger even zijn neus raakte, zijn schouders ophaalde en zijn rug rechtte, om na een kuchje aan Pete Williams te vragen: "what is 1200 off 4100 mines?" Niemand die ik nu spreek kan zich Kelly nog herinneren! Alsof het tientallen jaren geleden is gebeurd (zo schijn ik ook als het enige kind vroeger naar "Koko en de vliegende knorrepot" te hebben gekeken. Niemand die er vandaag iets van weet).

Mijn Nijmeegse vriend Freek luisterde tezelfdertijd op 178 kilohertz naar het langzaam uitdovende geluid van de ex-DDR. Het vermogen van de zender was sinds de 'hereniging' sterk teruggeschroefd, maar hier en daar nog wel te ontvangen, zo schreef hij mij. "Veel staffunctionarissen zijn al verdwenen, hun plaats is ingenomen door klassieke muziek. Tussen door kritische reportages over het dagelijkse leven in bevrijd Duitsland - 'Hier ist alles Scheisse und keiner weiß warum'... Op 263 kilohertz klinkt Radio Moskou grijzer en somberder dan ooit. De British Forces: 'Tonight you'll be welcome at the R.A.F. club Folk Music Festival in Minden - pronounced as »moonden« by German people - but anyhow the festival starts at...' na 45 jaar in Duitsland! Toch bevalt mij die Britse ontruktheid wel," aldus Freek, "hun onderkoelde persconferenties in de golf, voorgedragen met een gezicht alsof het oorlogvoeren vandaag weer buitengewoon saai en vervelend was. Intussen slaat Holland iedereen in het vermogen zich verfrissend ordinair uit te drukken over alles wat door de rest van de wereld verheven en belangrijk wordt gevonden. Uit de mond van een Nederlandse vlootvoogd in de Golf, als reactie op de vergroting van het operatiegebied, meer naar het noorden, noteerde ik dat hij de nieuwe taak 'wel-zag-zitten'. Is dit de Koninklijke Marine, die trots der natie die ooit de Dam zuiverde van langharig tuig, de rokers en snuivers die het in Amsterdam wel-zagen-zitten? De zeeheld mag dan met zijn schepen netjes onder de 27e breedtegraad blijven, taalkundig is geen demarcatielijn voor hem veilig!"

Nu is alles weer voorbij, zelfs de overwinning is vergeten en het diepe, zelfverzekerde stemgeluid van Israëls sterkste PR-man, Netanyahu, klinkt aan het einde van het jaar onbedreigd vanuit Amerika. De brandende olievelden in Koeweit, die tot in lengte van dagen onze hemel zouden verduisteren, blijken al geblust, zo melden de kranten licht geërgerd, beduusd. "Niets zal meer zijn zoals het was", sprak Joop den Uyl jaren geleden, toen autoloze zondagen moesten worden ingevoerd. Maar wat er ook veranderde, we zijn er aan gewend geraakt en veel is ongeveer gelijk gebleven.